Schotland heeft een opvallend rijke hondentraditie. In de Hooglanden, op de eilanden en in de grensstreek met Engeland waren honden onmisbaar: als herder van schapen en vee, als jager op vossen, dassen en herten en als waakhond bij het erf. Die werkgeschiedenis bepaalt tot op de dag van vandaag hoe Schotse rassen zijn: zelfstandig, taai en vaak met een sterke eigen wil.
In dit overzicht zetten we 10 bekende Schotse hondenrassen op een rij, van de herders (Collie, Border Collie, Sheltie en Bearded Collie) en de terriΓ«rs (Westie, Schotse TerriΓ«r en Cairn TerriΓ«r) tot de Deerhound, de Gordon Setter en de Golden Retriever. We bespreken waar ze vandaan komen, hoe ze zijn en waar je op moet letten voordat je ervoor kiest. Meer inspiratie nodig? Bekijk ook ons lijstje met Engelse hondenrassen of het complete overzicht van alle hondenrassen.
In het kort: 10 Bekende Schotse Hondenrassen
Direct naar een specifiek ras? Klik hieronder om direct naar de analyse en specificaties te springen:
1. Schotse Herdershond (Collie)
De Schotse Herdershond, in Nederland ook bekend als de Collie, komt uit de Schotse Hooglanden, waar hij eeuwenlang schapen hoedde. Het ras werd wereldberoemd toen koningin Victoria er in de negentiende eeuw verliefd op werd en later door de verhalen en films over Lassie.
Hij is zacht, gevoelig en nauw verbonden met zijn gezin. Wie hard of onvoorspelbaar met hem omgaat, bereikt weinig; met geduld en belonen leert hij graag. Veel collies zijn goede waakmelders en blaffen om alles wat er in de straat gebeurt.
Houd rekening met de vachtverzorging, want de lange vacht klit snel. Laat je hond ook testen op het MDR1-gen, dat bij dit ras veel voorkomt en waardoor sommige medicijnen gevaarlijk kunnen zijn.
2. Border Collie
De Border Collie ontstond in de grensstreek tussen Schotland en Engeland, waar schapenherders een hond zochten die kudden met een blik en weinig commando's kon sturen. Veel moderne Border Collies stammen af van een hond die Old Hemp heette en rond 1893 werd geboren.
Hij geldt als de slimste hond ter wereld en heeft daardoor veel taken, training en beweging nodig. Zonder werk gaat hij zelf op zoek naar werk, bijvoorbeeld door fietsers, auto's of kinderen bijeen te drijven.
Een Border Collie past bij actieve, ervaren eigenaren die sport of werk met hun hond willen doen. Voor een rustig gezin met een kleine tuin is hij zelden een goede keuze.
3. Golden Retriever
Misschien verrassend: de Golden Retriever is een Schots ras. Lord Tweedmouth ontwikkelde hem in de negentiende eeuw op zijn landgoed Guisachan in de Hooglanden, met als doel een betrouwbare apporteerhond voor de jacht op watervogels en ander wild.
Tegenwoordig is hij vooral een geliefde gezinshond: vriendelijk, geduldig en graag bij zijn mensen. Hij leert snel met beloningen en heeft veel beweging nodig, zowel lichamelijk als mentaal.
Let op heup- en elleboogdysplasie en een verhoogd risico op bepaalde vormen van kanker. Kies een fokker die de ouderdieren op gezondheid laat testen.
4. Shetland Sheepdog (Sheltie)
De Shetland Sheepdog, kortweg Sheltie, komt van de Shetlandeilanden. Daar was weidegrond schaars en had men een kleine, wendbare herdershond nodig die schapen en ander vee uit de gewassen hield. Hij lijkt op een kleine Collie, maar is een eigen ras.
Shelties zijn slim, gevoelig en leergierig en doen het goed in hondensporten zoals behendigheid. Ze zijn van nature alert en blaffen snel, wat in een flat of dichtbebouwde buurt een aandachtspunt is.
De dichte vacht vraagt veel borstelwerk, zeker in de rui. Sommige Shelties zijn schuw tegenover vreemden, dus goede socialisatie als pup is belangrijk.
5. West Highland White Terrier (Westie)
De West Highland White Terrier, kortweg Westie, werd gefokt om vossen, dassen en ratten op te sporen in de westelijke Hooglanden. Volgens de overlevering is de witte vacht bewust gekozen, zodat de jager zijn hond in de struiken niet voor wild aanzag.
Hij is zelfverzekerd, vrolijk en eigenwijs, met veel meer persoonlijkheid dan zijn compacte formaat doet vermoeden. Graven en achter kleine dieren aanrennen zit hem in het bloed.
Westies hebben vaker last van huidproblemen en jeuk, onder meer door allergie. Het ruwe haar moet regelmatig getrimd worden.
6. Schotse TerriΓ«r (Scottie)
De Schotse TerriΓ«r, of Scottie, is een stevige hond op korte pootjes met een baard, een rechte rug en een waardige uitstraling. Hij werd in Schotland gebruikt om vossen en dassen uit hun holen te halen en werd wereldberoemd door president Franklin D. Roosevelt, die zijn hond Fala overal mee naartoe nam.
Scotties zijn onafhankelijk, trots en koppig. Ze hechten sterk aan hun eigen mensen, maar zijn terughoudend tegenover vreemden en andere honden. Opvoeden gaat het best rustig en consequent.
Het ras heeft een verhoogd risico op blaaskanker en soms op Scottie cramp, een aandoening waarbij de achterpoten verkrampen. De vacht moet regelmatig getrimd worden.
7. Cairn Terrier
De Cairn Terrier komt uit de Schotse Hooglanden en van het eiland Skye, waar hij tussen stapels stenen (cairns) op ratten, vossen en ander ongedierte joeg. Zijn ruwe, weerbestendige vacht beschermt hem tegen regen en wind. Veel mensen kennen hem als Toto uit The Wizard of Oz.
Hij is vrolijk, nieuwsgierig en onverschrokken, en houdt van graven. Een goed omheinde tuin is geen overbodige luxe. Voor een terriΓ«r is hij relatief gemakkelijk in de omgang, maar hij houdt een eigen wil.
De vacht moet enkele keren per jaar getrimd worden. Let op het gewicht, want Cairns worden snel te dik.
8. Bearded Collie
De Bearded Collie, kortweg Beardie, was in de Schotse Hooglanden een veedrijver die kuddes schapen over lange afstanden naar de markt bracht. Zijn lange, ruwe vacht beschermde hem tegen regen en kou.
Het is een bruisende, vrolijke hond die van beweging en aandacht houdt, soms bijna te uitbundig. Hij heeft een eigenzinnige kant en leert het best bij afwisselende, speelse training.
De vacht moet meerdere keren per week geborsteld worden, anders ontstaan klitten. Wie een rustige hond zoekt, is bij een Beardie aan het verkeerde adres.
9. Scottish Deerhound
De Deerhound is een oud Schots ras, gefokt om op de open Hooglanden edelherten te jagen. Hij ziet eruit als een grote, ruwharige windhond en kan met veel snelheid rennen.
Binnenshuis is hij verrassend rustig, vriendelijk en gevoelig, en geen waakhond. Buiten komt zijn jachtinstinct snel boven, dus loslopen op onbeveiligd terrein is riskant.
Hij heeft veel ruimte nodig en een zachte ligplek. Grote windhonden leven vaak niet lang en zijn gevoelig voor maagtorsie en hartproblemen.
10. Gordon Setter
De Gordon Setter is de enige setter die in Schotland is ontstaan. Hij is vernoemd naar de hertog van Gordon, die op Gordon Castle zwarte setters met roodbruine aftekeningen fokte voor de jacht op veldhoenders.
Het is een krachtige, uithoudende jachthond met een zachte kant voor zijn gezin. Hij is zwaarder en rustiger dan andere setters, maar heeft veel beweging in het veld nodig en kan eigenzinnig zijn.
Net als andere grote rassen kan hij last krijgen van heupdysplasie en maagtorsie. De lange, zijdeachtige vacht vraagt wekelijks borstelen.